
Amersfoorter Mark van den Hoek is voorzitter van de Amsterdamse voetbalclub DVVA: ‘Hier gaat alles anders’
8 januari 2025 om 09:51 VoetbalAMERSFOORT Tijdens de jaarlijkse reünie van AFC Quick 1890 is Mark van de Hoek altijd trouw aanwezig en geniet hij van de tradities bij de oudste voetbalclub van Amersfoort. Hoe anders is het bij DVVA waar de geboren en getogen Amersfoorter nu vier jaar voorzitter is. ,,Wij organiseerden voor de vijftiende keer een kerstdiner, dat is hier al traditie.’’
Dat DVVA in de vierde divisie voetbalt en daarin dit seizoen bijna de eerste periode pakte mag een wonder genoemd worden. Bij het kleine clubje uit Amsterdam, dat geen jeugdafdeling heeft, worden spelers niet betaald. Sterker nog, er wordt van de selectiespelers verwacht dat ze, weliswaar op toerbeurt, op woensdagavond na de training voor een maaltijd zorgen voor de rest de selectie. Een bus voor uitwedstrijden is er niet en als een speler een keer een weekeindje weg wil, dan vindt niemand dat een probleem.
Op 9 november won Hoogland, koploper in de vierde divisie, nipt met 2-1 van DVVA. Trainer Raymond Prins kwam in Amsterdam een oud-ploeggenoot tegen. Dat was niet geheel toevallig, want Mark van den Hoek is daar al vier jaar voorzitter, nadat hij eerst zeven jaar in het eerste team voetbalde.
In Amersfoort is Van den Hoek bekend als spits van AFC Quick 1890, al kon hij net als zijn broer Jeroen ook aardig uit de voeten op de tennisbaan. ,,Voetbal vond ik leuker, daarom ben ik daarin doorgegaan’’, vertelt de 39-jarige Amersfoorter, die ook een paar seizoenen bij Roda’46 voetbalde. ,,Ik ben trouwens begonnen met voetballen bij KVVA, de club uit het Soesterkwartier waar ik ook opgroeide. Mijn klasgenootjes op Pallas Athene voetbalden bij Quick, via hen kwam ik daar terecht.’’
,,Vanwege mijn studie ging ik in Amsterdam wonen. Ik heb daar eerst bedrijfskunde gestudeerd en daarna nog een master marketing gedaan. De eerste jaren reisde ik heen en weer. Mijn schoonvader kende de toenmalige trainer van DVVA goed en zo kwam ik bij die club terecht. Ze waren net gepromoveerd naar de eerste klasse. Dat was een mooi niveau en het scheelde me veel reistijd.’’
,,In de zeven jaren dat ik hier in het eerste speelde heb ik er twee gemist door een knieblessure. We kwamen in de tweede klasse terecht en dat was ook allemaal prima. Je kan DVVA eigenlijk in niets vergelijken met clubs als Quick en Roda. Het is hier allemaal wat minder goed geregeld.’’
GUIDO DE GRAAF
De afgelopen jaren promoveerde DVVA twee keer op rij. Een van de sterkhouders uit de ploeg is Guido de Graaf. De Hoevelaker had met IJsselmeervogels, Huizen, Sparta Nijkerk, DOVO, VVOG en Swift een rits topamateurclubs achter zijn naam staan. Toch koos De Graaf bewust voor DVVA. ,,In coronatijd ging ik hier naartoe. Vincent van Vliet voetbalde hier in het eerste. Hij is mijn beste vriend vanuit Hoevelaken, waar we in de jeugd met elkaar gevoetbald hebben. Het leek ons mooi om als vrienden nog eens samen in een eerste team te spelen. Voor mijn gevoel was het beste er wel af bij me. Dus een mooi moment om die jeugdafspraak waar te maken.’’
De twee speelden uiteindelijk slechts vier duels samen. De Graaf: ,,Toen werd de competitie stilgelegd. Vincent ging daarna in Amersfoort voetballen in het tweede van CJVV, maar ik ben gebleven. Ik kende ondertussen al veel mensen binnen DVVA en het was ook wel prima om op een lager niveau te blijven spelen.’’
Net als Van den Hoek verbaasde De Graaf zich regelmatig bij zijn nieuwe club. ,,Ik heb hier de nodige discussies gevoerd. Bij DVVA was het volgens sommigen wel de vraag of het eerste team van de mannen wel standaard op het hoofdveld moest spelen. Daar was niet iedereen van overtuigd. Hier is Dames 5 net zo belangrijk als Heren 1. Dat was ook de filosofie van de club.’’
Het is een koude woensdagavond in december als Van den Hoek en De Graaf vertellen over DVVA. De Graaf gaat daarna trainen, terwijl Van den Hoek na het interview zijn fiets pakt om naar Ajax te gaan. De Arena is om de hoek. De twee hebben hun draai gevonden in Amsterdam, mede dankzij DVVA.
IMPORT-AMSTERDAMMERS
,,Tot een jaar of 30 geleden was DVVA een echte oude Amsterdamse club’’, weet Van den Hoek. ,,Daarna kwamen er steeds meer import-Amsterdammers bij de club. Mensen die hier vanwege hun studie en werk gingen wonen en een club zochten met gelijkgestemden. Voor sommigen is de club echt een soort tweede huis. Daardoor zie je een grote betrokkenheid. Bij een ALV zijn altijd zo’n 70 leden aanwezig, dat zie je bij andere clubs niet vaak.’’
,,Dat we in de tweede klasse niet met de bus naar uitwedstrijden gingen, dat is niet zo heel raar’’, haakt De Graaf in. ,,Maar wij doen het nog steeds niet, nu we in de vierde divisie voetballen. Hier moet je als team de dingen ook gewoon zelf regelen, dat heeft zijn charme, vind ik. We zitten bij thuiswedstrijden met 20 man in een veel te kleine kleedkamer. Maar dat geldt ook voor de tegenstander. Bovendien wordt ons hoofdveld niet voor niets ‘het tuintje’ genoemd. Vaak horen we tegenstanders klagen over het veld en alles voorafgaand aan de wedstrijd, dat is heerlijk.’’
,,Wat minder handig is, is dat de club niet zo goed was in het ontvangen van de scheidsrechter. Dan stond je vooraf al met 1-0 achter. Toen ik nog bij Vogels speelde merkte je dat ze daar wel wisten hoe je dat moest aanpakken. Tijdens de wedstrijd ging de bal net wat sneller op de stip.’’
,,Als voorzitter probeer ik het allemaal een beetje te sturen’’, legt Van den Hoek uit. ,,DVVA heeft gewoon niet de middelen om de selecties op een groot voetstuk te plaatsen. We willen juist laten zien dat het ook anders kan en elk lid bij ons even waardevol is.’’
,,Het is daarom ook belangrijk om goed te kijken naar welke nieuwe leden je binnenhaalt. We willen het groepsgevoel en de saamhorigheid proberen te borgen. Doordat we geen jeugd hebben voetbalt hier zo goed als niemand waarvan zijn vader of opa hier ook heeft gespeeld. Daarom moeten wij de connectie op een andere manier opbouwen.’’
![]()
De kleine en knusse kantine van DVVA.
GEEN JEUGD
,,Voor het werk als voorzitter is het makkelijker dat er geen jeugd is. Normaal gesproken gaat daar 75 procent van je tijd in zitten. De meeste teams bij ons kunnen zich goed redden en incidenten zijn hier vrijwel nooit. Daarom vind ik het wel leuk om hier voorzitter te blijven, zolang ik zelf nog in het derde speel ga ik er nog wel een tijdje mee door.’’
De Graaf dacht vorig jaar al bezig te zijn met zijn laatste seizoen als voetballer, maar is daarop teruggekomen. ,,Vroeger speelde ik altijd voorin of als aanvallende middenvelder. Vorig seizoen kwam ik centraal achterin te staan. Dat bevalt me erg goed. Ik heb ook helemaal geen last meer van blessures. Met deze groep horen we ook echt thuis in de vierde divisie. Zoals ik me nu voel kan het best zijn dat ik nog een paar jaar doorga.’’
Dan is het tijd om te trainen. Alle seniorenteams van DVVA trainen op woensdagavond te gelijk, om daarna met elkaar een maaltijd te nuttigen. Dat is een traditie die vrijwel geen enkele andere club heeft.


















