
Hayati Ozkaya neemt afscheid na bijna 45 jaar bij de fietsenstalling op station Amersfoort Centraal
15 oktober 2025 om 08:52 MensenAMERSFOORT Bijna een halve eeuw lang was Hayati Ozkaya het vaste gezicht van de fietsenstalling bij station Amersfoort Centraal. In november gaat hij met pensioen. ,,Ik ga lekker uitslapen, dat heb ik wel verdiend.’’
door Peter Pos
Terwijl de regen die vrijdagavond met bakken uit de hemel komt, is het droog en gemoedelijk in de fietsenstalling onder station Amersfoort Centraal. Achter de balie zit Hayati Ozkaya (67). Het eerste dat opvalt is de glimlach op zijn gezicht. In de loop van de avond wordt duidelijk dat hij daar vrijwel altijd mee rondloopt. „Ik sta hier altijd droog”, klinkt het vrolijk.
Hayati is een vertrouwd gezicht voor duizenden forenzen die hun fiets stallen bij het station. Hij begon in 1980, toen de stalling nog boven zat. „In die tijd gaf je nog bonnetjes aan de mensen’’, weet hij nog goed. ,,Nu gaat alles digitaal met een scanner. Maar de mensen zelf zijn eigenlijk niet veranderd. Ze groeten nog steeds terug als je ze begroet.” Alsof het zo moet zijn, klinkt op dat moment een vriendelijk ‘dankjewel’ van een vrouw die haar fiets komt halen. Hayati glimlacht breed: „Zie je wel, mensen zijn hier altijd vriendelijk.”
Hayati kwam in 1978 vanuit Turkije naar Nederland. Twee jaar later begon hij bij de fietsenstalling, dankzij zijn vader. „Mijn vader werkte hier toen met een Nederlandse jongen. Die moest in militaire dienst, en toen zei mijn vader dat ik dat werk wel kon doen. Zo ben ik hier terechtgekomen.”
Daarvoor werkte hij bij de gemeentewerken in Soest. „Ik vond het meteen leuk om te doen. Je bent altijd met mensen bezig. Soms help je iemand even, of help je een handje bij de fietsenmaker. En als het rustig is, is het hier gewoon een fijne plek.”
Per dag komen er zo’n tweeduizend mensen
Sinds 1995 werkt hij ‘beneden’, in de overdekte stalling die inmiddels is uitgegroeid tot een enorme fietsenkelder. „Per dag komen er zo’n tweeduizend mensen, waarvan zo’n vijfhonderd met een OV-fiets. Je kent en herkent er veel. Sommige mensen zie ik elke dag.” Fietsen worden er nauwelijks gestolen. „Dat geeft een goed gevoel. Heel soms gebeurt het, maar zelden. Meestal gaat alles netjes.”
Artikel gaat verder onder de afbeelding.
![]()
„Het werk zal ik wel missen, maar het is goed zo. Geen wekker meer om half vier. Dat lijkt me heerlijk”, zegt Hayati. (Foto: Peter Pos)
Op de vrijdagavond dat hij geïnterviewd wordt, komt Joriek haar fiets uitchecken. Als ze hoort dat Hayati met pensioen gaat stopt ze even. „Nou, bedankt voor al die jaren”, zegt ze. „Ik kom hier al meer dan twintig en toen was hij er al. Geniet van je pensioen.’’
,,Hij zegt altijd wat’’, legt de Amersfoortse, die die dag was wezen wadlopen, uit. ,,Niet iedereen die daar zit doet dat. Het is altijd prettig als hij er is. Je hebt altijd contact met hem. Ik wist niet dat hij er al zo lang zat. Dan heb je wel je pensioen verdiend.” Hayati lacht breed en zwaait haar uit. ,,Zulke momenten maken het werk zo leuk.’’
Even later komt een man vragen of hij eerst mag uitchecken zodat hij daarna zijn regenpak aan kan doen. ,,Geen probleem’’, zegt Hayati. Even later klinkt er weer een vriendelijk „bedankt!”, iets wat hij al duizenden keren heeft gehoord. „Ik ga nooit met tegenzin naar mijn werk”, zegt hij. „Binnen sta je altijd droog. Maar het is na al die jaren wel mooi geweest.”
Zijn werkdagen zijn lang en onregelmatig. Soms begint hij om half vijf ’s ochtends, soms werkt hij door tot diep in de nacht. „Als ik ochtenddienst heb, moet ik om half vier mijn bed uit. Dat vind ik zwaar”, geeft hij toe. De nachtdiensten, van zeven uur ’s avonds tot kwart over drie ’s nachts, liggen hem beter. „Dan is het rustiger, en komen er veel vaste reizigers langs. Even een praatje, even lachen. Dat hoort erbij.”
HET GEZICHT VAN DE STALLING
Op 14 november mag Hayati officieel met pensioen. „Ik heb nog 28 vrije dagen staan”, weet hij. „Dus ik weet nog niet hoe mijn werkgever dat gaat doen. Misschien kan ik een weekje eerder stoppen, of ze betalen het uit. We zien het wel.” Hij wordt op 15 oktober 67 jaar. „Ik heb lang genoeg gewerkt. Het is goed zo. Als ik stop, is het ook echt klaar. Ze hoeven me niet te vragen om nog even door te gaan.”
Voor veel Amersfoorters is zijn vertrek onvoorstelbaar. Ad Stolk kent hem al sinds 1983, toen hij in Amersfoort kwam wonen. „Al 42 jaar stal ik mijn fiets bij het station”, vertelt Stolk. „Al die tijd was hij daar op zijn post. Hij deed zijn werk zichtbaar met plezier en was voor mij, en ik denk voor vele Amersfoorters, het gezicht van de stalling. Door de jaren heen maakten we vaak een praatje. Zijn hartelijkheid viel daarbij op. Altijd liep ik vrolijker de stalling uit dan ik er in kwam. We zullen hem missen, maar ik gun hem zijn pensioen van harte.”
Hayati knikt als hij dat hoort. „Dat vind ik mooi om te horen. Dat is precies waarom ik het werk leuk vond. Mensen zijn aardig. Je hebt contact. Je bent niet de hele dag alleen.”
Hij kwam ooit uit Turkije, maar zijn thuis is inmiddels hier. „Ik zou best naar Turkije terug willen”, zegt hij eerlijk. „Maar mijn vrouw wil hier in Nederland blijven. En mijn kinderen en kleinkinderen zijn hier ook. Dus we blijven lekker in Nederland. Ik wil ook niet af en toe daar zijn en af en toe hier. Gewoon één plek, dat is goed.”
Geen wekker meer om half vier. Dat lijkt me heerlijk
Wat er op zijn laatste werkdag gebeurt, weet hij niet. „Ik denk dat ik mijn collega’s een hand geef, en dan ga ik naar huis. Lekker uitslapen. Ik heb genoeg ochtenddiensten gedraaid.” Daarna wil hij vooral rustig aan doen. „Het werk zal ik wel missen, maar het is goed zo. Geen wekker meer om half vier. Dat lijkt me heerlijk.”
In de fietsenstalling klinkt weer het piepje van een scanner. Een fietser checkt uit, bedankt, en verdwijnt richting de regen. Hayati zwaait, zoals altijd, met een glimlach. „Bewaker van de fietsenstalling, dat is mijn werk,” zegt hij. „En dat heb ik altijd graag gedaan.”


















