
Robbie Ori is een verzorger met gevoel: ‘Elke dag is voor mij een geschenk’
13 maart 2026 om 08:16 VoetbalAMERSFOORT Wie in het Amersfoortse amateurvoetbal rondloopt, kent Robbie Ori (51). De verzorger van AFC Quick 1890 is al meer dan dertig jaar een vertrouwd gezicht op het voetbalveld. Eerst als razendsnelle linksbuiten, daarna als verzorger. ,,Elke dag die ik nog mee kan maken is voor mij een geschenk.’’
door Peter Pos
Robbie Ori groeide op bij APWC, waar hij als linksbuiten al vroeg opviel. Op zestienjarige leeftijd debuteerde hij in het eerste elftal. Hij was snel, technisch en kon als het nodig was de hele linkerkant bestrijken. ,,Als de tegenstander een snelle rechtsbuiten had, zetten ze mij op hem en kwam hij er niet meer aan te pas.’’
Ori speelde samen met bekende namen zoals Alex ten Hoven, Bert van den Brom, Derrick Flemming, Marlon Hok-A-Hin, Ben van den Hoek en Gert Sandbrink. De band met die generatie is nooit verdwenen. ,,APWC’ers blijven tot de dood van elkaar houden. Dat is echte broederliefde.’’
![]()
De A1 van APWC in de jaren 90 met Robbie Orie staand in het midden - Privé foto
Als jeugdspeler stond Ori zelfs nog even in de belangstelling van FC Utrecht. Zijn ontwikkeling leek de goede kant op te gaan. Na zijn tijd bij APWC maakte hij de overstap naar KVVA. Maar in maart 1995 veranderde alles.
MAARTSE BUI
Op 3 maart, een dag na zijn twintigste verjaardag, stapte hij met twee vrienden in de auto om naar Nijkerk te rijden voor een potje zaalvoetbal. Hij haalt even adem als hij vertelt over het ongeluk. Dan volgt het verhaal dat hij al zo vaak verteld heeft. ,,Ik had net twee maanden mijn rijbewijs, maar was ook toen al een echte ‘gentleman’ in het verkeer. Ik reed zestig waar je tachtig mocht, maar er lag ijzel. Vanwege een maartse bui. Ik raakte in de slip. De auto botste tegen een boom. De klap kwam aan de bestuurderskant en de boom kwam in mijn deur.’’
Ori liep zwaar hoofdletsel op en raakte gedeeltelijk verlamd. Liefst drie maanden lag hij in coma. Toen hij uiteindelijk wakker werd, zat een oude bekende aan zijn bed. ,,Marcel van Barneveld zat naast me toen ik bijkwam. Dat zal ik nooit vergeten.’’ De revalidatie duurde lang. Heel lang. Artsen hielden er zelfs rekening mee dat hij misschien nooit meer normaal zou kunnen lopen.
Toch gaf Ori niet op. Na maanden van herstel keerde hij langzaam terug op het veld. Eerst voorzichtig, later weer in wedstrijden. ,,Maar als ik een wedstrijd speelde, had ik daarna een week nodig om bij te komen.’
HEEL GEDISCIPLINEERD
Hij voetbalde later nog bij onder meer APWC, Hoogland en Hooglanderveen. Het niveau van voor het ongeluk haalde hij niet meer. Hij stopte vrij vroeg met voetballen. ,,Ik was geen speler voor een tweede of derde elftal. Ik was altijd heel gedisciplineerd, maar mijn lichaam kon het gewoon niet meer aan.’’
Tijdens zijn werk bij de politie volgde de Amersfoorter een opleiding tot verzorger. Niet veel later kwam er een telefoontje dat zijn nieuwe rol in het voetbal inluidde. Van Spakenburg. ,,Dat was meteen de top van het amateurvoetbal.’’ Hij werkte er acht jaar, voordat hij stopte omdat hij naar Amsterdam verhuisde en het vele reizen hem te veel werd. Later keerde hij terug naar de regio Amersfoort en werd hij opnieuw een vaste waarde langs de lijn. APWC, KVVA, Amsvorde en op dit moment AFC Quick 1890. Overal staat hij bekend als een verzorger die verder kijkt dan alleen een blessure.
,,Ik ben een verzorger met gevoel’’, zegt hij met een zachte stem. ,,Ik ga nooit naar een club omdat het moet. Je bent onderdeel van een team. Ik probeer spelers ook op een andere manier iets mee te geven. In een team wordt vaak naar elkaar gewezen. Dan zeg ik: als je wijst, wijzen er drie vingers naar jezelf. Alleen kun je heel weinig, samen kun je heel veel.”
,,Als verzorger heb je een bindende rol. Je moet er niet alleen voor zorgen dat ze fit zijn voor de wedstrijd, maar ook dat ze er echt voor gaan. Ik ben heel begaan met de voetballers. Dat weten ze ook. Daarom ben ik ook heel duidelijk richting de trainer. Als ik een speler groen licht geef, dan moet je als trainer eerlijk zijn als je hem niet opstelt. Zeg dan gewoon dat het jouw keuze is en verschuil je dan niet.’’
Na dit seizoen neemt Ori afscheid bij Quick 1890. Hij gaat aan de slag bij ASC Nieuwland, een club die al jaren aan hem trok. ,,Ze vroegen me al drie jaar. Ik laat Quick niet zonder gevoel achter. Wat een geweldige vereniging is dit. Fantastische mensen. Respect staat er hoog in het vaandel. Als jeugdspeler werd ik ooit eens gevraagd door Quick om daar te komen voetballen. Dat weigerde ik. ‘Een echte APWC’er gaat niet bij Quick voetballen’, zei ik toen. Maar nu kijk ik er anders tegen aan.’’
JUISTE MOMENT
Toch voelt dit als het juiste moment om te vertrekken. ,,De club zit midden in een verbouwing, er begint een nieuwe fase. Dan is dit een mooi moment voor me om wat anders te gaan doen.’’
Ori kijkt vooral met dankbaarheid terug op zijn leven in het voetbal. Niet omdat hij ooit een groot talent was, maar omdat hij na alles wat er gebeurde nog altijd op een veld kan staan. ,,Er werd gezegd dat ik misschien mijn hele leven in een rolstoel zou zitten. Dat ik er nog ben en weer op een voetbalveld stond, dat was de mooiste wedstrijd van mijn leven. Daarom ziet ik elke dag als een cadeau. Elke dag die ik mee kan maken is voor mij een geschenk.’’ Zolang zijn gezondheid het toelaat, blijft hij doen wat hij het liefste doet: spelers helpen en onderdeel zijn van een team. Ook al woont hij tegenwoordig in Almere, zijn hart ligt nog altijd in Amersfoort. ,,Met het Almeerse voetbal heb ik niets. Amersfoort is en blijft mijn stadje. Daar ken ik iedereen en iedereen mij. Als ik daar kom, kom ik altijd weer thuis.’’



















