
Bij Bert de Boer stroomt BSC Quick door de aderen
8 juli 2024 om 08:29 OverigAMERSFOORT Elke vereniging heeft ze in hun midden: leden die verslaafd zijn aan de vereniging. Met ziel en zaligheid voelen zij zich verbonden aan de club. In de rubriek ‘Verenigd Amersfoort’ staan hun clubgevoel en toewijding centraal. Vandaag: Bert de Boer (57) van honkbal- en softbalvereniging Quick.
door Marcel Koch
Zijn clubhart weent al een poosje. Wat wil je ook: zijn BSC Quick (lees: het eerste team) krijgt dit lopende seizoen in de hoofdklasse, het hoogste niveau in het honkbal, nederlaag op nederlaag te incasseren. Van de inmiddels dertig gespeelde competitiewedstrijden wist Quick er tot nu toe slechts één te winnen. Tja, dan bevind je je als toegewijd Quicker, medebeleidsbepaler én betrokken vader (zoon Olivier zit in de selectie) in een barslechte film.
De Boer over het kleurloze seizoen: ,,Het gemis aan ervaring en een aantal startende werpers breekt ons op.’’ Natuurlijk, geeft hij stellig aan, is hij ziek van de vele verliespartijen, doodziek zelfs. De Boer: ,,Als er één een hekel heeft aan verliezen ben ik het wel.”
Maar denk nou niet dat de bebrilde Quicker en gedreven bestuurslid algemene zaken bij de pakken neer gaat zitten of stande pede de Amersfoortse honkbal- en softbalclub met zijn rijke en succesvolle historie in de steek laat. Nooit. Nee, nooit. En waarom niet? Bij De Boer stroomt van jongs af aan Quick door zijn aderen en dus vindt hij het niet meer dan vanzelfsprekend dat hij zich met hart en ziel inzet voor de club. ,,En daar hoeft niemand me voor op de schouders te meppen. Quick is een belangrijk onderdeel van mijn leven”, verklaart De Boer zijn bereidwilligheid voor BSC Quick van 1961. ,,Je bent er voor de club in goede- en slechte tijden. Achter de schermen zijn we druk bezig om orde op zaken te stellen. We willen met ons eerste team tenslotte niet nog zo’n seizoen doormaken.
(Artikel gaat verder onder de afbeelding).
![]()
Bert de Boer (midden) als voormalig speler van Quick. - Privéarchief
Werk aan de winkel dus. ,,Maar Quick is meer dan alleen het eerste honkbalteam”, merkt De Boer op. ,,We hebben een florerende jeugdafdeling en een softbaltak die ook alle aandacht verdienen. En datzelfde geldt voor de seniorenteams – die moeten we in ere houden en goed naar ze luisteren. Zij zijn tenslotte de basis van je vereniging.”
MOEDERINSTINCT
En nog even over zijn tomeloze inzet voor de club: ,,Misschien doe ik het ook wel voor mijn ouders die toen ze nog leefden zich ook uit liefde voor Quick hebben uitgesloofd. Mijn vader zat jarenlang als secretaris in het bestuur, en ook mijn moeder was een vertrouwd gezicht binnen de Quick-familie. Op haar sterfbed vroeg ze me zelfs hoe het Quick verging. Ze wist, ik denk ingegeven door haar moederinstinct: als het met Quick goed gaat gaat het ook met haar zoon goed.”
,,Als ik en mijn broer Leo, die ook bij Quick honkbalde, moesten spelen waren ze altijd aanwezig. Ook voor mijn ouders was Quick een belangrijk deel van hun leven. Ze waren zeer begaan.”
Ik kan de club niet loslaten
Ooit nam De Boer halverwege de jaren ‘80 de wijk naar het Bussumse HCAW om daar zijn geluk te beproeven, maar wegens een hardnekkige blessure kwam hij bij zijn nieuwe club nauwelijks in actie. De Boer: ,,Dat werd een waardeloze zomer. Ik moest zes maanden rust houden. Het gaf me wel de gelegenheid om me volledig op mijn studie te richten.” Toen hij in 1996 terugkeerde bij Quick voelde dat als thuiskomen. De Boer: ,,Ik had de nestwarmte gemist.”
EERSTE STAPPEN
Het is nu vijftig jaar geleden dat De Boer, werkzaam als onderzoeker oncologie en senior director in Europa, het Midden-Oosten en Afrika voor het Amerikaans Diagnostische bedrijf Atila Biosystems, de eerste stappen zette op sportpark Dorrestein, Quick thuisbasis aan de Dorresteinsesteeg. Zijn waarnemingen op jonge leeftijd staan de Amersfoorter nog glashelder voor de geest. ,,Het eerste team van Quick speelde tegen het Haarlemse Kinheim. Ik was enorm onder de indruk van die grote mannen in hun honkbalpakken. Bij Quick speelde toen Louis Jacobs, een beer van een vent en een bijzonder goede slagman. Als jochie van zeven jaar vond ik geweldig om hem te zien slaan. Wat een power! Maar ook van Jacky Bernardus, Rock Angela en Jules Elbers kon ik genieten. Quick was toen in het Hollandse honkballandschap één van de toonaangevende verenigingen.”
AMERIKAANSE OFFICIER
Na die terloopse kennismaking met Quick (‘met mijn ouders wandelde ik langs het veld’) was De Boer gelijk verkocht en meldde zich aan als lid. De Boer: ,,Honkbal werd vanaf dat moment mijn grote passie.” De Boer leerde het spel spelen in de wijk Randenbroek waar het opgegroeide. ,,In onze wijk woonde een Amerikaanse officier die op de toenmalige Amerikaanse basis in Soesterberg werkte. Zijn zoons speelden bij ons achter de flat honkbal en american football. Uit nieuwsgierigheid sloot ik aan. Zij zorgden voor honkbalhandschoenen, knuppels en ballen.”
,,Goh, ik zie ze nog met een plunjebal vol met materiaal het speelveldje opkomen. Leuke tijd hoor. René Rijst, iets ouder dan ik, woonde destijds ook bij ons in de buurt en is later Oranje-international geworden. Rijst kon geweldig werpen, hij heeft een aantal jaren in de jeugd bij Quick gespeeld.
(Artikel gaat verder onder de afbeelding).
![]()
Zoon Olivier in actie voor Quick. - Privéarchief
De Boer zelf reikte als speler ook tot het eerste team van Quick als catcher. ,,Destijds bestond het team grotendeels uit spelers van Antiliaanse afkomst, ik werd door hen aangemerkt als ambu blanco ofwel de witte Antilliaan. Mario Berkel en Joe Ross lieten mij debuteren in de hoofdmacht. Mooie tijden heb ik beleefd met mijn leeftijdgenoten Anthony Hose, Reinier de Vries en Ernst van Holy.”
Hoewel De Boer achter de schermen veel tijd en energie steekt in bestuurlijke- en technische zaken speelt hij al heel wat jaartjes - hij stopte in 2002 met honkballen - in het eerste herensoftbalteam van Quick. De Boer: ,,Dat doe ik met veel plezier en met dezelfde instelling als vroeger in mijn tijd als honkballer.”
,,Als gezegd heb ik een bloedhekel aan verliezen. En ik geef toe dat ik soms een opgewonden standje ben in het veld - ik kan nu eenmaal slecht tegen onrecht. Maar overall: het spel fascineert me en Quick is me dierbaar. Ik kan de club niet loslaten.”
![]()
(Dit artikel kwam tot stand in combinatie met Nieuwsplein33, een samenwerking tussen De Stad Amersfoort, De Stadsbron en RTV Utrecht).


















