
Jeroen dichtte over de zelfgekozen dood van zijn zoon: ‘Ik kan de werkelijkheid alleen onder ogen zien in sonnetvorm’
29 augustus 2026 om 08:55 AchtergrondAMERSFOORT Jeroen de Valk, freelancer voor De Stad Amersfoort en AD Amersfoortse Courant, worstelde met het verwerken van de zelfgekozen dood van zijn zoon Arnold. Tot een therapeut hem aanraadde om over zijn gevoelens te schrijven. Dit resulteerde in een dichtbundel met sonnetten over de depressie van zijn zoon en ouders die van de zijlijn machteloos toekijken.
door Maranke Pater
Let op: dit artikel gaat over suïcide en bevat passages over psychische problemen, wanhoop en het overlijden door suïcide. Dit kan aangrijpend zijn voor mensen die hiermee te maken hebben (gehad).
Arnold is maar 35 jaar oud geworden. De laatste drie jaar van zijn leven ging het heel slecht met hem. Jeroen: ,,Het leek eerst op een burn-out. Er waren heel veel depressieve gevoelens bij en er kwamen twee andere dingen bij. Zo had hij angsten die hij niet kon verklaren. Zoals angst om naar de supermarkt te gaan en om een stukje te maken voor de krant. Als het minder goed ging met een verhaal, vond hij dat vroeger vervelend, maar nu vond hij het verschrikkelijk. Later kwam er ook verwarring bij: hij kon niet meer helder nadenken.”
Er werd van alles geprobeerd maar niets hielp
Arnold had eerder mentale problemen gehad, maar die periodes gingen steeds weer over. Jeroen herkent het: hij heeft zelf ook depressieve periodes gehad. ,,Ik ben echter altijd een doorsnee depressieklant geweest. Ik ging naar een arts, psychiater of psycholoog en die hadden een standaard behandelingsprotocol. Na een paar maanden ging het met mij altijd weer wat beter.” Zijn zoon bleef echter worstelen. Hij kreeg medicijnen, maar die sloegen niet aan. Ruim drie jaar voordat Arnold overleed, vanaf begin 2022, werd de situatie al ernstig. ,,Er werden verschillende therapieën geprobeerd en hij kreeg medicatie, maar niets hielp.”
Nevel
Mijn moeder die twee maanden eerder stierf,
wist nog maar weinig in haar laatste dagen
En was daarvoor al jaren aan ’t vervagen.
Haar geest, die in een ver verleden zwierf
Leek niet meer bij de werkelijkheid betrokken
Ze zat stil in haar rolstoel, krom en stram
En had zich, toen de dood haar halen kwam
Al vrijwel uit de wereld teruggetrokken.
Toen stierf mijn zoon. Ze scheelden zestig jaar.
Hij werd ook stil en krom, als oude mensen.
Al was hij nog niet halfweg in zijn leven;
Dat bleef onaf, hij was nog lang niet klaar.
Het is of al zijn onvervulde wensen
Als grijze nevel achter zijn gebleven.
LAAG INGESCHAT
Over Arnolds schooljaren zegt zijn vader: ,,Hij werd aanvankelijk te laag ingeschaald. Hij deed eerst vmbo, wat vroeger mavo heette. Daarna heeft hij een sociale mbo-opleiding gevolgd. Hij vond het fijn dat het sociale mensen waren, de sfeer was heel goed.” Daarna ging hij hbo Journalistiek doen. Dat was een stap hoger en Arnold had het meteen enorm naar zijn zin. ,,Hij voelde zich goed tussen de andere leerlingen en docenten. Hij haalde geen denderend hoge cijfers, want het nauwkeurig afwerken van scripties boeide hem niet. Hij liep stage bij Alphen aan den Rijn bij AD Groene Hart. Hij wilde, net als zijn vader, de regio in.” Arnold was succesvol als freelancer. Hij schreef veel voor het Algemeen Dagblad en de laatste maanden van zijn leven tevens voor De Stad Amersfoort. Hier deed hij de politieke verslaggeving, in de voetsporen van zijn vader. ,,Hij merkte alleen dat naarmate zijn depressie erger werd, zijn journalistieke vaardigheid hem steeds meer in de steek liet. Dat vond hij verschrikkelijk. Alsof een vermaarde voetballer niet meer kon voetballen.”
![]()
De plek in huis waar Arnold wordt herdacht - Maranke Pater/De Stad Amersfoort
DOODENG
Omdat Jeroen en zijn echtgenote Bettina hun zoon steeds meer zagen afglijden, spraken ze met Arnold af dat hij in de middag en in de avond met hen kwam eten. ,,Hij kon het niet meer opbrengen om zelf te koken. Inkopen doen in de supermarkt vond hij doodeng. Als hij ‘s middags kwam eten hoorde er ook vaak een wandeling bij naar Park Randenbroek, dat is hier om te hoek.” Vrienden probeerden hem zo vaak mogelijk te zien, of hem mee te nemen. Niks leek te helpen: Arnold raakte steeds verder in zijn depressie. Vanuit het Wijkteam en Buurtzorg-T kwamen er geregeld hulpverleners bij hem over de vloer. ,,De mensen die het werk deden en aan de deur kwamen, hebben zich ingespannen om er iets van te maken. Het moet voor hen heel zwaar zijn geweest. Je bent een half uur of een uur bij iemand, je spant je in om te luisteren en het wordt alleen maar erger. Wat mij het meest is bijgebleven, is hoe Arnold leed en het verschrikkelijk vond om te leven. Als hij wakker werd, dacht hij op het laatst: ik wil niet wakker worden. Het lukte hem steeds minder goed om met ons over zijn depressie te praten. Hij kwam iedere dag eten en hij werd krom. Hij liet zijn baard staan. Hij leek ook ouder dan hij was. Achteraf hoorden we van zijn vrienden – die zijn goud waard geweest – dat zij hem in de gaten bleven houden, ook al was het niet gemakkelijk. Die vrienden vonden dat hij erbij hoorde. Zij zeiden later dat hij heel positief over ons als ouders was. Ze hebben ons de appwisselingen daarover laten lezen.”
PIJNLIJK
Jeroen was degene die zijn zoon aantrof, iets wat hij ook pijnlijk duidelijk maakt in een van de gedichten in zijn dichtbundel. Het was, volgens Jeroen, een heel weloverwogen overlijden. ,,Hij wist precies welke cocktail hij moest nemen.” Jeroen schreef jarenlang tijdens zijn journalistieke loopbaan over literatuur. Een kwart eeuw geleden maakte hij al sonnetten. ,,Die stuurde ik door naar kennissen en deskundigen en die schreven dat in de kantlijn: ‘Sinterklaas! Larmoyant! Dwangrijm!’ En daar leer je van.”
3 april 2025
‘Oh, laat de dag snel afgelopen zijn’
Verzuchting als hij toch nog wakker wordt
Hij slaapt heel lang en maakt de dagen kort
En ’s avonds mag hij pas zijn ‘medicijn’
Het laatste wat nog werkt. Dat gaat lang duren.
Hij smeert een boterham, hoopt dat iets smaakt
Hij kijkt wat in de krant, niets wat hem raakt
En de minuten kruipen voort als uren.
Ooit wist hij hoe hij dan kon handelen
En dat de avond soms verlichting bracht
Wat schrale troost die hem ook is ontnomen.
Gedachtenoefeningen, wandelen
Het helpt geen zier, niets waar hij nog op wacht.
De dag van morgen moet maar nooit meer komen.
De psycholoog zei: ‘Ik wil jou aan het rouwen krijgen.
Na het overlijden van Arnold lag de focus op het ontruimen van zijn woning. Jeroen was ook druk met de uitvaart en ging daarna op vakantie. Toen kwam pas het moment om naar een psycholoog te gaan. ,,De psycholoog zei: ‘Ik wil jou aan het rouwen krijgen.’ Ik was enorm bezig met de praktische zaken. Wat meer psychologen voorstellen als iemand in rouw is: schrijf een brief aan de overledene. Dat probeerde ik te doen en dat lukte niet. Een heel eind verder kwam ik bij die vormvaste gedichten terecht en die ben ik gaan maken. Daarmee kwam ik bij de psycholoog. Ik zei: ‘Ik kan de werkelijkheid alleen onder ogen zien in sonnetvorm.’”
TOURNEE
Er werd druk uitgeoefend: geef het uit. ,,Onder meer door de psycholoog en andere mensen in mijn omgeving, de mensen aan wie ik qua poëzie altijd dingen toestuurde, en die commentaar gaven. Mijn vrouw vond het emotioneel om mee te lezen, maar zei wel: ‘Die zin hobbelt’, of: ‘Die zin klopt niet’, of: ‘Dat woord wil ik er niet in.’ Zij moesten zich er helemaal in kunnen vinden. Het was een hele tournee die mijn poëzie heeft gemaakt langs deze mensen die dichtbij mij staan. Die wilde ik niet passeren. Ze hebben allemaal meegelezen.” Wie de gedichten leest, merkt dat de lezer als het ware over de schouder van Jeroen mee kijkt. Eerst is er de periode waarin Jeroen schrijft over de depressie van Arnold, daarna zijn overlijden en vervolgens de rouwverwerking.
Het kwam nooit verwrongen over
Jean Pierre Rawie, één van de best verkopende literaire dichters in Nederland, is één van de grote voorbeelden van Jeroen. ,,Ik dacht: ik stuur hem deze bundel toe als dank voor de inspiratie. Tot mijn verbazing stuurde hij een mail terug dat hij diep ontroerd was en zijn column in het Dagblad van het Noorden eraan wijdde. Dit schreef hij in de column: ‘het komt nooit verwrongen over’. Een enorm compliment. Ik heb van hem geleerd: je neemt iets waar, laat het op je inwerken en doet een stap naar achteren. Daarna pas schrijf je het op. Rawie schreef ooit: het is moeilijk een amateur-dichter van een professional te onderscheiden, maar een amateur is iemand die zelf van alles voelt, een professional is iemand die de lezer van alles laat voelen.”
THERAPEUTISCH
Een derde van alle sonnetten hebben de bundel gehaald. De anderen hadden wel een therapeutische waarde. ,,Ik heb nu een gedicht in gedachten waarin ik nog met hem zou willen praten, in zijn hoedanigheid van voor hij heel ziek werd. Hij is alleen overleden. Hij schreef dat hij was uitgenodigd om ergens te komen eten. Hij heeft gelogen, dat deed hij anders nooit."
,,Ik wil een fictieve ontmoeting opschrijven: dat hij de deur binnenkomt. Hij liet deuren altijd open staan, lachte vaak heel hard, maakte grappen die eigenlijk niet konden. Dat was gewoon zoals hij was. Dat mag allemaal. Daar zou ik over willen praten: waarom hij die uitweg zocht. Mijn vrouw zegt: ‘Er is geen hemel, maar voor Arnold maak ik een uitzondering’.”
Voor nabestaanden
Soms, als een boom geen nieuwe takken wil,
En grasland ook na regen blijft vergelen,
En niets resteert dat nog de pijn kan helen,
En dagen komen, gaan zonder verschil.
Dan staat een naaste machteloos terzijde.
Je doet echt al wat ligt in je vermogen
Maar ziet de wisse dood al in de ogen:
Een blik van sterven, ’t lijkt niet te vermijden.
Je lichaam en je geest zijn uitgeteld
En tegelijk ben je steeds op je hoede,
En vreest aldoor: het heeft aan mij gelegen.
Maar waar je je ook verder nog mee kwelt:
Het einde komt zoals je dat vermoedde.
Niets houdt de wrede afloop dan nog tegen.
De dichtbundel ‘Dagen zonder licht’ is te koop via de website Jeroendevalk.nl en in Amersfoortse boekhandels. De integrale verkoopprijs van de bundel gaat naar de Depressie Vereniging.
Heb je zelf gedachten over suïcide of maak je je zorgen om iemand in je omgeving? Praat erover met iemand die je vertrouwt of neem contact op met 113 Zelfmoordpreventie via 113 of 0800-0113. Bij direct gevaar: bel 112.
















