‘Leerhotel is geen partycentrum’

Nieuws

AMERSFOORT - ,,Het is broodroof. Het leerhotel moet afblijven van het accommoderen van feesten en partijen. Dat is een voorrecht van de reguliere horeca’’, zegt directeur Hogervorst van het Bureau Eerlijke Mededinging (BEM). ,,Onzin’’, stelt manager leerbedrijven Bert van Wede van ROC ASA. ,,Tachtig tot negentig procent van onze activiteiten, waren anders niet in Amersfoort terechtgekomen. Alles wat hier gebeurt, is onderwijs. Waar mogelijk werken we samen met het Amersfoortse bedrijfsleven.’’

Waakhond van horeca wil actie gemeente

door John Spijkerman

Namens de afdeling Amersfoort van de Koninklijke Nederlandse Horecabond probeert het BEM de activiteiten van het leerhotel aan banden te leggen. De BEM wil dat de gemeente optreedt en een einde maakt aan wat hij noemt ‘oneerlijke concurrentie’ van ROC ASA. ,,Het gaat hier om de wettelijke bescherming voor de reguliere horeca’’, stelt Hogervorst. Hij wil dat de gemeente beperkingen stelt aan de drank- en horecawetvergunning van de Stichting ROC ASA in bedrijf voor leerhotel het Klooster. De huidige drank-en horecavergunning moet worden ingetrokken. ,,Het BEM is de waakhond in horecaland. Als andere partijen er samen niet uitkomen, leggen wij er de lat van wetten en regels langs.’’

De gemeente vindt niet dat er sprake is van oneerlijke concurrentie en beschouwt ROC ASA als een opleidingsinstituut. De activiteiten zijn in het leerhotel gehouden, met als doel om praktijkonderwijs te geven aan de leerlingen van ROC ASA en passen in de onderwijsbestemming die het terrein heeft stelt de gemeente. ,,De gemeente is niet onpartijdig in deze kwestie’’, vindt het BEM.

De problemen tussen de afdeling Amersfoort van de Koninklijke Nederlandse Horecabond en het Leerhotel zijn al langer gaande. ,,Toen het leerhotel van start ging, is er een soort convenant ondertekend, een gentleman’s agreement, dat we elkaar niet in de haren zouden zitten’’, vertelt Hogervorst. De overeenkomst werd vorig jaar opgezegd, omdat de Horecabond het niet eens was met de wijze waarop het leerhotel te werk gaat. De activiteiten van het leerhotel zijn sinds het moment dat de instelling in 2007 een vergunning kreeg, uitgebreid, vindt het BEM. Volgens de organisatie worden er in het leerhotel sinds 2009 bijeenkomsten van persoonlijke aard gehouden - feesten en partijen - die buiten de onderwijsdoelstelling van de instelling vallen. Daarmee is er volgens het BEM eigenlijk een nieuw partycentrum bijgekomen.

Het BEM vindt het vreemd dat de gemeente op 17 juni in een brief aankondigt dat er beperkende voorschriften worden verbonden aan de drank- en horecavergunning van het leerhotel. Een maand later schrijft de gemeente in een brief van 12 juli dat beperkende voorschriften voor het Leerhotel niet nodig zijn. Ook de gemeentewoordvoerder heeft geen passende verklaring voor de ‘vreemde move’ van de gemeente.

Als de gemeente blijft weigeren wat te doen aan het leerhotel, sluit Hoogervorst een stap naar de rechter niet uit. ,,We zullen de gemeente dan in gebreke stellen en een dwangsom eisen.’’

advertentie