Cultureel erfgoed ontdekken
11 mei 2011 om 00:00 NieuwsDe leerlingen komen rond negen uur in groepjes aanfietsen. Na een paar minuten staat de stoep voor de Rijksdienst aan het Smallepad vol met kletsende scholieren. De stadskanonniers staan bij de vijver in vol ornaat klaar bij hun kanon. Een docent vraagt lachend aan een schutter: ,,Er zijn nog nooit doden gevallen, toch?”
door Thalina Koeleman
De leerlingen hebben wel zin in de projectweek. ,,We hoeven deze week lekker niet op school te werken” is een veelgenoemde reden. Eersteklasser Tonnie Vinke vertelt dat er op een andere manier les wordt gegeven tijdens de projectweek. ,,Ik weet alleen nog niet echt wat we deze week gaan doen.”
Een kanonnier, gestoken in een traditioneel uniform met witte kousen en een driehoekige hoed, brult ‘stilte’ om de aandacht te krijgen. Het geroezemoes neemt af. Een andere kanonnier vertelt kort wat over de geschiedenis van de stadskanonniers. Hierna worden de scholieren gewaarschuwd voor de knal. ,,Misschien moeten jullie je vingers even in je oren doen. De docenten moeten hun gehoorapparaten maar uitzetten.” Er klinkt gegrinnik.
De voorbereidingen voor het eerste saluutschot worden getroffen. Een zakje met kruit en een prop hooi worden in de schietbuis geduwd. Iedereen kijkt gespannen toe als de lont wordt aangestoken. Veel leerlingen sluiten voor de zekerheid hun oren af met twee vingers. Een paar seconden later volgt een harde knal. Er klinken een paar gillen uit de groep leerlingen. Terwijl de restanten van het schot nog nasmeulen in het gras, is er een applausje te horen.
Terwijl sommigen nog bijkomen van het eerste knal, kondigt de kanonnier een tweede saluutschot aan. Er wordt met een enthousiast gejuich gereageerd. Na een paar minuten is het kanon gereed voor het tweede schot. Deze keer lijkt het nog harder, maar de scholieren wisten wat ze konden verwachten.
Achter het kanon geïnteresseerd Egbert Boerma, rector van het Corderius College, toe. De invulling van het thema cultureel erfgoed is ontstaan door samenwerking tussen onder andere Erfgoedvereniging Heemschut, de RCE en het Corderius College. Volgens Boerma is geschiedenis en cultuur niet saai. ,,Je moet het wel terugbrengen naar het heden en niet blijven hangen in het stoffige verleden. Het is juist leuk dat er in je eigen omgeving ook geschiedenis en cultuur te vinden is.”
Terwijl de laatste rookpluimpjes in het gras worden uitgetrapt, lopen de leerlingen het Rijksdienstgebouw binnen. Daar worden ze welkom geheten door Cees van ‘t Veen, directeur van de RCE in Amersfoort. Hij vertelt dat ze de rechterhand zijn van de staatssecretaris van onderwijs, cultuur en wetenschap. ,,Kenmerken van de Rijksdienst zijn kennis over erfgoed, wet- en regelgeving en subsidiemogelijkheden.”
Als de scholieren vragen mogen stellen, blijft het even stil. Dan gaat er een hand omhoog. ,,Wie is de linkerhand?” vraagt een jongen. Van ‘t Veen schiet in de lach en maakt dankbaar gebruik van het bruggetje om Karel Loeff aan te kondigen.
Loeff is directeur van van erfgoedvereniging Heemschut. Hij vertelt de leerlingen over de vereniging. ,,Honderd jaar geleden richtte een groepje bezorgde burgers de vereniging op. In Amsterdam werden allemaal gebouwen afgebroken. De burgers vonden de geschiedenis van het land belangrijk en wilden dit behouden.”
Volgens Loeff gaat het project niet om de jaartallen, maar over het verhaal achter bijvoorbeeld een gebouw. ,,We willen het echt levend maken. Als de leerlingen straks langs een pand fietsen, dan is het niet zomaar een gebouw, maar dan weten ze ook het verhaal erachter.”
Hierna gaan de scholieren uiteen in groepjes om te beginnen met hun eerste workshops. In de projectweek worden er bezoekjes gebracht aan onder meer het Cavaleriemuseum, de Koppelpoort en de voormalige Zeepfabriek. Op zaterdag 14 mei wordt de week afgesloten in de Ridderzaal in Den Haag. In aanwezigheid van Koningin Beatrix zal een aantal leerlingen van het Corderius vertellen over hun ervaringen en kennis.














