Poppentheater viert verjaardag

Cultuur

AMERSFOORT - Poppentheater Jodokus vierde zondag haar tienjarig bestaan met een speciale voorstelling van kabouter Pip. In samenspel met de kabouter ontvouwde zich een magisch verhaal, die de zes kinderen meetrok in de fantasiewereld van Joke Kooij, eigenaresse van het theater en poppenspeelster.

In het kleine zolderkamertje van poppentheater Jodokus aan Het Spant 26 hebben de kinderen ook zonder de voorstelling genoeg om naar te kijken. Op de planken zitten namelijk talloze papier-maché poppen. Poppen met geschilderde gezichtjes, rood touwhaar en kleine groene viltjasjes. De poppenkast zelf wordt verhuld door fluwelen gordijnen, waardoor ook de kartonnen paddenstoel van het meest gevierde poppenpersonage, kabouter Pip, onzichtbaar blijft.

,,De liefde voor poppen begon bij mij als kind en is nooit weggegaan”, vertelt Joke Kooij enthousiast. ,,Ik maak al sinds 1980 mijn eigen poppen en wilde altijd al een eigen poppentheatertje beginnen.” Het theater dat de poppenspeelster tien jaar geleden begon, is een traditioneel poppentheater, waar zij met eigengemaakte handpoppen sprookjes vertelt. ,,Nog altijd duik ik graag in mijn eigen fantasiewereld. Ik probeer naar dingen hetzelfde te kijken als kinderen, die zijn nog heel puur en hebben nog veel fantasie. Meestal lukt dat wel, want ook ik ben ook nog steeds heel speels.”

Joke Kooij speelt tijdens de voorstelling de rol van toverfee en vertelt het verhaal van kabouter Pip die vandaag tien jaar is geworden. Helaas wil Pip zijn paddenstoel nog niet uitkomen, want hij slaapt en het is hem te donker. De toverfee oppert dat hij misschien naar buiten wil komen als de zes kinderen hem toezingen. Onder gitaarbegeleiding van broer Peter Kooij zingen de kinderen met succes het Zonnelied, want even later komt Pip inderdaad uit zijn kleine boswoning en begroet de kinderen.

Het is belangrijk dat het lieve karakters zijn, vertelt Kooij. ,,Voor kinderen zijn poppen namelijk heel echt. Ze zien nog niet het verschil tussen echte mensen en poppen. Mijn heksenpop ligt dan ook in een andere kamer zodat de kinderen het niet zien”, vertelt ze lachend. Haar eerste pop, kabouter Pip, is nog altijd haar lievelingskarakter. ,,Pip is een vrolijke pop en spreekt ook de kinderen erg aan. Ook ik kan heel vrolijk van hem worden.”

Ten ere van Pip’s verjaardag krijgt de kabouter verjaardagsbloemen van de kinderen, waar hij herhaaldelijk blij in snuift. ,,Wat heerlijk ruiken ze toch. Ik ga mijn hele huisje ermee versieren”, vertrouwt de kabouter de kinderen toe. ,,Een pop is iets van alle tijden”, vertelt Kooij na afloop van de voorstelling. ,,Het past bij de fantasiewereld van het kind. De kinderen moeten namelijk een heel eigen verhaal verzinnen en krijgen dat niet voorgeschoteld.”

Voor Kooij is de tien jaar die ze aan haar poppentheater heeft gewijd niet genoeg. ,,Ik blijf doorgaan totdat ik het fysiek niet meer aan kan”.

advertentie
advertentie