Amersfoort behoorde met Haarlem, Gouda en Delft tot de top vier van de biersteden.
Amersfoort behoorde met Haarlem, Gouda en Delft tot de top vier van de biersteden. Hans van Harten

Stadsweetje: Bier en schoon water

5 oktober 2023 om 15:00 Overig

AMERSFOORT Amersfoort en zijn historie zit vol met leuke, interessante verhalen en stadsweetjes. De stadsgidsen van Gilde Amersfoort doen voor de lezers van De Stad Amersfoort eens in de vier weken een greep uit hun collectie. Deze week nummer 1, over Bier en schoon water.  

Amersfoort was in de late Middeleeuwen een belangrijke bierstad. Maar hoe kan dat, de grachten waren toch één stinkend riool?
Amersfoort behoorde met Haarlem, Gouda en Delft tot de top vier van de biersteden concludeerde bierspecialist Leendert Alberts in zijn boek ‘Brouwen aan de Eem’. Dat bracht veel welvaart en de stad verdiende flink aan de bieraccijns. Amersfoort had succes omdat diverse beekjes uit de Veluwe en de Utrechtse Heuvelrug schoon water naar binnen brachten: ideaal voor het bier brouwen. Via de Eem en de Zuiderzee kon het bier ook nog eens worden geëxporteerd, onder andere naar Amsterdam. 

De bierbrouwerijen lagen voornamelijk langs de Korte- en Langegracht en Havik. Zij gebruikten het water uit de grachten. Maar waren die niet smerig? Dat viel mee. Men draaide twee keer per dag de sluizen open om de grachten schoon te spoelen. De stad had anders dan veel Hollandse steden ook geen last van brak water. De Koppelpoort hield bij springtij het opstuwende zoute water van de Zuiderzee buiten de deur.

VERVERS

Het stadsbestuur was ook streng. Bierbrouwers mochten alleen werken waar het water op zijn best was: langs de boven genoemde grachten. De ‘vervuilende’ ambachten kregen elders een plaats. Zo gebruikten de ververs het water van de buitenste gracht bij de toenmalige Kamperpoort – waar nu de Stier staat - op veilige afstand van de brouwerijen. 

VOLDERS

De volders maakten wollen stoffen geschikt voor kleding, door ze te vervilten en te kleuren met onder andere urine. Dat gaf veel vervuiling. Zij mochten hun stoffen alleen uitspoelen achter de Spuisluis, vlakbij de Koppelpoort (foto). Vandaar stroomde het vuil meteen weg via de Eem. Fijn voor de stad, maar wat zou men daar in Spakenburg van gevonden hebben?

Ook de gewone Amersfoorter moest zich aan regels houden. Men mocht geen vuilnis en uitwerpselen in de gracht dumpen, op straffe van een boete. Veel gezinnen hadden, of deelden, een beerput, waarin zij de ontlasting en dergelijke konden dumpen. Die werd zo nu en dan geleegd en het afval werd als mest verkocht aan de boeren in de omgeving.

Kortom, het stadsbestuur zag er scherp op toe dat het water schoon bleef. Pas in de achttiende en negentiende  eeuw raakten de grachten sterk vervuild. Maar toen was het al zo’n beetje gedaan met het Amersfoortse bier.    

Mail de redactie
Meld een correctie

Deel dit artikel via:
advertentie
advertentie