
Hoe de wereldrevolutie mislukte vanaf de Van Campenstraat
21 februari 2022 om 19:30 AchtergrondAMERSFOORT Op 16 maart gaat Amersfoort naar de stembus voor de raadsverkiezingen. Aanleiding om terug te blikken op die paar maanden, honderd jaar terug, waarin het provinciestadje even hét centrum was van het Europese socialisme. Vanuit een huiskamer aan Van Campenstraat moest de wereldrevolutie vorm krijgen. Daar kwam niets van terecht.
Het huisje is afgebroken, al tientallen jaren terug. Het adres Van Campenstraat 2 bestaat niet meer; de bebouwing aan het begin van deze straat werd opgeofferd voor een tankstation en een forse rotonde. Een klein monumentje had niet misstaan, aangezien dit ooit dé plek was van de communistische revolutie. Hier woonde Sebald Rutgers. Een persoonlijke kennis van Vladimir Lenin, de eerste premier van de Sovjet-Unie.
Als enige Nederlander was Rutgers aanwezig bij de oprichting van de Komintern in Moskou, 1918. ‘Komintern’ was de Russische afkorting van de Communistische Internationale. Een wereldwijd samenwerkingsverband van communistische partijen onder aanvoering van de Sovjet-Unie.
Rutgers (1879 - 1961) was civiel ingenieur van beroep en had van Lenin de opdracht gekregen om de revolutie in West-Europa in gang te zetten. Dat moest aanvankelijk gebeuren met een groots opgezet, internationaal congres in Amsterdam. Toen het gezelschap daar door onenigheid uiteenviel, werden de beraadslagingen voortgezet in de woning van Rutgers. Aan de Van Campenstraat dus. Híer, in het Amersfoortse Leusderkwartier, moest het allemaal gebeuren.
WANDTEGELS Wanneer dit zich afspeelde, is niet exact na te trekken. Het moet in ieder geval ná het hoopvolle begin van de Amsterdamse conferentie op 3 februari 1920 zijn geweest, en niet lang na 4 mei 1920. Want toen kwam uit Moskou het bevel dat het Nederlandse bureau van de Komintern moest worden opgeheven. Het bericht zal het comité enige tijd later per brief hebben bereikt.
Er kwam dus geen centraal bureau in Amsterdam, laat staan in Amersfoort. In Rutgers leven mislukten wel meer dingen. Om te beginnen waren communistische sympathisanten ook verdacht in Nederland. De geheime dienst luisterde mee. Na alarmerende publicaties in onder meer het Amersfoortsch Dagblad - ‘te Amsterdam is een geheime internationale communistische conferentie gehouden’ - doorzochten de communisten hun locatie en troffen ze informanten aan. Naar verluidt hadden spionnen zich met een dictafoon in een kast verstopt, daar aan de Herengracht 545-549 in Amsterdam. Hier was officieel een handel in wandtegels gevestigd.
VROUWENKIESRECHT Wellicht was de post van Rutgers geopend, of had een Amerikaanse medestander argwaan gewekt met een slecht vervalst paspoort. Gedurende de pauzes streken de revolutionairen neer op een Amsterdams terras om eens goed te gaan lunchen - er waren welgestelde lieden bij - alwaar ze een mengelmoes van Engels, Nederlands, Frans en Duits bezigden. Tegenwoordig is het Engels de taal waarin zowat de halve wereld zich verstaanbaar maakt, maar dat was toen nog lang niet zo.
Na de chaotische conferentie besloot een groepje verder te praten aan de Van Campenstraat. In dit huisje moest de grondslag worden gelegd voor de ‘dictatuur van het proletariaat’ en het ‘democratisch centralisme’. Tot de bezoekers behoorde Sylvia Pankhurst, de dochter van een Britse advocaat. Een ‘suffragette’ die zich inzette voor het vrouwenkiesrecht en een aanhangster van het anarcho-communisme. Deze stroming streefde naar een antiautoritaire en stateloze maatschappij. Daar dachten Lenin-aanhangers natuurlijk anders over.
SEKSUOLOOG RUTGERS De Duitse communisten spraken zich aan de Van Campenstraat uit tégen de vestiging van een Amsterdams bureau. Volgens auteur/historicus Addy Schuurman (in het digitale magazine De Stadsbron) waren de Duitse kameraden van mening dat een leidende rol niet de Nederlandse, maar de Duitse communisten toekwam. Aanleiding voor Moskou om te besluiten dat het Amsterdamse bureau van de Komintern moest worden opgeheven. Misschien wel gewoon om ervan af te zijn.
Na dit oordeel besloot Rutgers zich niet langer te verzetten. Sterker nog - gedurende de rest van zijn leven censureerde hij zichzelf. Voortaan zou hij ‘Moskou’ volgen. Hij was een intelligente en ontwikkelde man: afgestudeerd aan de Polytechnische School te Delft en opgegroeid als zoon van de vermaarde arts en seksuoloog Jan Rutgers. De socialistische pionier Ferdinand Domela Nieuwenhuis kwam in het ouderlijk huis over de vloer.
Sebald werd aanvankelijk door hoge morele maatstaven gedreven. De verheffing van het volk! Het bestrijden van de armoede! Maar voortaan moest dat maar zonder daar al te veel zelfstandig bij na te denken
TWEESTRIJD De auteur en historicus Hans OIink beschreef de krankzinnige tweestrijd in het verstand en het gevoelsleven van de ingenieur in enkele boeken, waaronder ‘Sebald Rutgers’ Reis naar De Revolutie’. In de jaren ’30 betreurde Rutgers openlijk zijn ‘linkse afwijkingen’ en ‘sektarisch’ optreden.
Hij werd een trouwe Marxist-Leninist. Wat Moskou zei, was heilig. Hij liet zich uitschrijven uit Amersfoort in 1922, teneinde een industriële kolonie te stichten in de stad Kemerovo. Maar in latere jaren, terug in Amersfoort, ging hij daar nooit meer buurten, aangezien hij er als westerse intellectueel zijn leven niet zeker was. Opmerkelijk is dat zijn woning er nog steeds, als een soort museum, te bezichtigen is. Er hangt een plaquette met de mededeling dat de ‘Nederlandse ingenieur en communist Sebald Justinus Rutgers’ hier had gewoond en gewerkt van 1922 tot 1925.
JUWELEN SMOKKELEN Een van zijn kameraden, de Russische bolsjewiek Michail Borodin, werd in eigen land als invloedrijk en joods vervolgd en zou - na de gebruikelijke schijnprocessen - overlijden in een gevangenenkamp in Siberië. Zijn eigen zoon Wim ‘verdween’ zomaar in Rusland. Sebald en echtgenote Bartha smokkelden juwelen naar het Westen, ten bate van de wereldrevolutie. Deze buit werd vrijwel geheel door Berlijnse kameraden achterover gedrukt.
Terug naar de Van Campenstraat. Rutgers schreef later dat de conferentie-gasten noodgedwongen naar Amersfoort waren uitgeweken. In Amsterdam waren ‘spionnen in de kast’ en werden kameraden gearresteerd. ,,Er kwamen steeds meer gedelegeerden naar ons huis in Amersfoort. Onze woning werd door de politie bewaakt, maar dat wisten we toen nog niet.’’
STAATSGEVAARLIJK Borodin en de Duitser Paul Fröhlich waren een week lang min of meer ‘opgesloten’ in het huisje aan de Van Campenstraat. Rutgers: ,,Die wilden we in de nacht naar het station brengen, maar dat werd door de politie verwacht. Toen hebben we ze te voet ’s nachts via landweggetjes naar een andere plaats gebracht. Helaas waren er veel sloten en Borodin viel in een sloot. Hij had slechts één pak.’’
Hij vreesde een huiszoeking, maar die bleef uit. Wel werd tegenover de woning een nieuw huis gebouwd van waaruit de politie het verdachte adres Van Campenstraat 2 in de gaten hielden. Bartha en Sebald zouden herhaaldelijk zijn geschaduwd, soms door internationale spionnen.
Dit alles verbaasde Sebald in zoverre, dat hij kennelijk als staatsgevaarlijk werd beschouwd, terwijl de communistische partij toch niet verboden was. De Communistische Partij Holland - voorloper van de CPN - had in deze maanden gewoon zitting in de Tweede Kamer, met zetels voor David Wijnkoop en Willem van Ravesteyn jr.
DICHTERS Deze Kamerleden kwamen over de vloer bij Rutgers in Amersfoort, ook in de aanloop naar de conferentie. Alsmede de dichters Herman Gorter en Henriëtte Roland Holst en de astronoom Anton Pannekoek. Allen lieden van goeden huize, die zich in die bescheiden huiskamer verzamelden. Misschien had de woning wel een arbeideristisch soort charme voor hen.
Vanaf eind jaren ’30 werd steeds minder van Sebald Rutgers vernomen. Amersfoorters kenden hem op den duur alleen nog als die ingenieur die steeds weer ergens onderaan de kieslijst van de CPN stond, zonder ooit in de lokale raadszaal te komen. Ook al was hij nog zo volgzaam. Wie weet vreesde de partijtop dat er - gezien zijn staat van dienst - een autoriteit in hem stak, een icoon, en daar hadden ze al anderen voor. Paul de Groot bijvoorbeeld, de vermaarde Stalinist.
‘GOEDHEID DES HARTEN’ Het partijorgaan De Waarheid blikte nog eens terug in 1987: ,,Rutgers’ 80ste verjaardag werd in 1959 in Felix Meritis (destijds het Amsterdamse hoofdkwartier van de CPN, red) met honderden vrienden en partijgenoten feestelijk gevierd. In 1961 overleed hij. Bij zijn begrafenis in Amersfoort zei de toenmalige algemeen secretaris van de CPN, Paul de Groot, onder meer: ‘Het bestaan van kameraad Rutgers was geheel gevuld en vervuld door zijn deelname aan de socialistische arbeidersbeweging. (…) Hem bewoog het altruïsme, de goedheid des harten en het verstandelijke inzicht.’’’
Iemand die wél zijn eigen weg ging, was Gerard van het Reve senior, de vader van schrijver Gerard Reve. Senior verloor in 1938 abrupt zijn functies binnen de CPN nadat hij het had gewaagd kritiek te leveren op de strikte partijlijn. Hij kwam hier heftig in aanvaring met De Groot. De CPN reageerde door het gerucht in omloop te brengen dat Senior fascistische sympathieën zou koesteren. Reve junior werd in latere jaren een uitgesproken anticommunist in zijn vele geschriften.
door Jeroen de Valk


