Na zeven jaar als predikant te hebben gewerkt in Leusden, begon de in Amersfoort woonachtige Maria Berends een paar jaar geleden als geestelijk verzorger in het VUMC. Van dichtbij maakte ze de afgelopen maanden het coronavirus mee.

Hoewel haar focus op de afdelingen ligt, en dus niet op de IC, heeft ze een hectische tijd achter de rug, vertelt ze. De onderlinge samenwerking in het ziekenhuis heeft ze als indrukwekkend ervaren. ,,Daar waar het medische en verzorgende personeel snel van het ene naar het andere bed moest en de patiënt alleen functioneel aanraakte, kon ik als geestelijk verzorger een rustpunt zijn voor de patiënt, met tijd en aandacht. Niet alleen voor de patiënt, maar ook voor de familie en naasten.”

Patiënten, veelal benauwd en angstig, vaak afkomstig uit andere regio’s, voelden zich eenzaam, vervreemd en ontheemd

In eerste instantie waren Berends en haar collega’s er vooral voor de medewerkers, omdat er op dat moment nog geen beschermende kleding voor hen was om de afdeling op te gaan. ,,Van het verpleegkundig personeel werd het uiterste gevraagd in een klinisch gekke setting: een onbekende, onvoorspelbare en grillig verlopende ziekte, waarvoor geen medicijn was. ‘Ik ben mijn onderbuikgevoel kwijt, dat maakt het eng’, zei één van de verpleegkundigen. Een patiënt kon in heel korte tijd opeens heel snel achteruit gaan.”

Patiënten, veelal benauwd en angstig, vaak afkomstig uit andere regio’s, voelden zich eenzaam, vervreemd en ontheemd. Bezoek mocht niet komen. ,,In die eenzaamheid mocht ik aanwezig nabij zijn, troostend en rustgevend. Een hand vasthouden. Praten, als dat al kon, over dat wat zin heeft en betekenis geeft aan het leven."

Wat had Berends hun als geestelijk verzorger te bieden? ,,Ik heb niets te bieden, ik ben er gewoon om het verhaal tevoorschijn te luisteren. Patiënten helpen het uit te houden. Soms met een gebed, een ritueel, een bemoedigend woord, een mooi gedicht of een schilderij.”

Ik ben mijn onderbuikgevoel kwijt, dat maakt het eng’, zei één van de verpleegkundigen

Hoe bleef ze zelf overeind? ,,Ik had veel steun aan mijn collega’s, aan lieve mensen om mij heen thuis, aan het luisteren naar mooie muziek en al wandelend in Den Treek luisterend naar de vogels. In alle hectiek zocht ik de verstilling op. Ja, ik voel mij vaak machteloos als ik geconfronteerd word met schrijnende en aangrijpende situaties in het ziekenhuis. In die situaties mag ik iets van licht doorgeven, dat ik zelf ervaar in het leven. Zelf ervaar ik dat de woorden uit een lied van Stef Bos waar zijn: ‘Hoe dieper het donker, hoe mooier het licht’. Daar iets aan bijdragen maakt mijn rol in het ziekenhuis betekenisvol.”

Dit verhaal kwam tot stand in samenwerking met de Raad van Kerken Amersfoort